improve
your
skills

football association Cuba

Feyenoord draagt bij aan voetbalontwikkeling Cuba

 

Feyenoord heeft afgelopen maand voor het tweede jaar op rij clinics verzorgd in Cuba. De club doneerde een speciaal door Pole Soccer ontwikkeld mobiel voetbalveld, dat door de Cubaanse voetbalbond gebruikt zal worden om de sport op het eiland te promoten.

International development coach Melvin Boel en voormalig Feyenoord-spelers Mike Obiku en Robin Nelisse brachten dertig Cubaanse jeugdtrainers de fijne kneepjes van met name tactische training bij. Feyenoord leverde op nog een andere manier een bijdrage aan het voetbal in Cuba. Met het overhandigen van het speciaal door Pole Soccer ontwikkelde mobiele voetbalveld hoopt de club samen met de Cubaanse voetbalbond de sport op het eiland verder te promoten. Het bezoek aan Cuba werd afgesloten met een tweedaagse masterclass in Havana voor een aantal getalenteerde jeugdspelers.

Na drie dagen in Villa Clara verplaatsten de Feyenoorders zich naar Havana, waar ze werden ontvangen door Norbert Braakhuis, de Nederlandse ambassadeur op Cuba. Hij nam het Feyenoord Street Court officieel in ontvangst. ‘Dankzij een gulle bijdrage van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, Nirint Shipping, Rotterdam Topsport en een groep van Rotterdamse bedrijven waren we in de gelegenheid om de Cubaanse voetbalbond dit speciale veld met een demontabele sportvloer aan te bieden’, vertelt Gido Vader, manager internationale betrekkingen van Feyenoord.  ‘Het is onze hoop dat deze door heel Cuba gebruikt zal worden om de populariteit van het voetbal en de sportparticipatie van kinderen te bevorderen.’

De laatste dagen van het bezoek werkten de Feyenoord-coaches met talentvolle spelers uit Havana. Vader: ‘Elke keer dat we hier komen, hopen we het voetbal in Cuba een echte impuls te geven. We zijn onze sponsoren en het ministerie van Buitenlandse Zaken erg dankbaar daarvoor, want zij maken het mogelijk dat we de Cubaanse voetbalbond kunnen voorzien van broodnodige trainingsmaterialen en de kinderen een blijvende herinnering kunnen geven.’